Grote Prijs-special: De finale (deel 1)

(23 november 2009)

Wordt het Alphen aan de Rijn, Breda, Groningen of Rotterdam? Of blijft het Amsterdam Zuidoost? Zaterdag 12 december strijden Dope D.O.D., UnknownEye, Tastic, Dret en Krulle, Fotosynthese en Kraantje Pappie in Paradiso om de hoofdprijs in de Hip Hop-categorie van de GPNL. Koos Groenendijk, Lee Stuart, Guno Oosterling en Dave Vanderheijden vormen samen met de speciaal voor de finale gevraagde Sef (Flinke Namen) de 5-koppige jury die bepaalt welke finalist de prijs mee naar huis neemt. “Zes finalisten leek wel gewoon te weinig dit keer,” vindt Lee. In deel 1 van deze finale-special: Dret en Krulle, Fotosynthese en Kraantje Pappie.

Kraantje Pappie
“Ik wilde vorig jaar al meedoen maar ik besloot om een jaar te wachten.” Dat hij in dat jaar zelf al flink van zich heeft laten horen, beïnvloedde zijn beslissing om zich in te schrijven niet. “De Grote Prijs kan voor mij alsnog een hoop betekenen en ik kan het net zo goed kan gebruiken als de andere deelnemers. Dat ik inmiddels wat uitgebracht heb, kan een voorsprong betekenen maar als de jury daardoor meer van me verwacht kan het ook in m’n nadeel werken. Als het een eerlijke competitie is dan mag dat geen rol spelen.” Guno geeft aan dat de jury hier inderdaad niet door wordt beïnvloed: “Deze deelnemers staan, evenals de finalisten die nog geen cd uitgebracht hebben, aan het begin van hun carrière. Waar we wel naar kijken is of een artiest gearriveerd is of niet: het heeft bijvoorbeeld geen zin om Rico of Sticks te vragen om zich in te schrijven. Wat voor iemands deelname totaal niet uitmaakt is of ze al eerder wat van hun werk uitgebracht hebben. Voor hetzelfde geld heeft iemand drie cd’s uitgebracht die niet bekend zijn bij het grote publiek. Zou die dan niet mee mogen doen?”

Tijdens zijn afgelopen twee GPNL-optredens liet hij ons kennis maken met de verschillende kanten van De Kraan. “In kwartfinale zag je ons in onze meest energieke vorm; het feesten, het hard gaan en het zoveel mogelijk rammen. Bij de halve finale wilden we vooral laten zien wat het samenspel is tussen mij en mijn back up en mijn DJ, DJ Friss. Het leek ons een goede manier om te laten zien dat we beide kunnen. De kwartfinaleshow paste heel goed bij een groot publiek; de andere show is juist voor een kleinere setting. “We stonden met Skinto en Dope D.O.D. in die halve finale en zij,” vult back up Mo the Show aan, “geven hele energieke shows. Dit hadden we in de kwartfinale al laten zien dus we wilden iets anders brengen. Bovendien wilden we niet weg vallen tussen die twee andere energieke acts.”

“Zijn show was heel strak. DJ Friss is een technisch gezien gruwelijk onderlegd, de back up MC deed precies wat hij moest doen en,” vertelt Lee enthousiast, “hun interactie met het publiek was gewoon goed. Kraantje’s voorkomen op het podium en zijn manier verhalen vertellen zijn gewoon heel tof.” Over wat we in de finale kunnen verwachten wil De Kraan weinig laten lekken. “Het wordt een kloppend geheel dat in de repetitieruimte als legendarisch wordt omschreven.” Door zijn eigen mensen? “Sterker nog,” lacht de guitige Groninger, “gewoon door mijzelf!

De kritiekpunten zaten in mijn geval vaak in dingen die je snel kan veranderen in een show. In één van de rapporten schreef de jury dat ze m’n show beter vinden dan m’n cd; dit schreven ze wel voordat Boulimia uitkwam dus misschien is die mening intussen bijgedraaid. Een ander punt ging bijvoorbeeld over de opbouw van de show. We bedenken dan zeker wel hoe we de kritiekpunten om kunnen zetten in pluspunten.” Overigens gaf niet alle feedback hem stof tot nadenken. “Ik kreeg kritiek op een aantal van de producties. Ik denk dat dit heel erg een kwestie van smaak is dus ik weet niet of zoiets relevant genoeg was om in iemands juryrapport te vermelden.”

Wat ze ten opzichte van de andere 5 finalisten kenmerkt, weten de heren nog niet precies. “Ik denk dat voor ons het moeilijkst is om een hokje te vinden omdat we op niets lijken. Als mensen me met Spacekees vergelijken dan luisteren ze niet goed. Het is positief maar het klopt niet: onze flow, intonatie, taalgebruik en persoonlijkheden zijn heel anders.” Een kader waar de heren zich wel in kunnen vinden is dat van ‘act met een goede show’. “Wij kunnen mensen die geen voldoening uit de CD hebben gehaald alsnog overtuigen. Dat betekent,” beredeneert Kraantje “dat we of een hele goede liveshow hebben of dat de cd niet goed genoeg was maar we krijgen het wel voor elkaar dat mensen die twijfelden na de show de nummers heel anders bekijken.”

“Wij willen met onze shows nooit bewijzen hoe goed Kraan kan rappen; we willen dat mensen naar huis gaan en dat door hun enthousiasme hun thuisgebleven vrienden zich afvragen waarom ze er niet waren. Als je bij onze optredens bent dan wordt je heel erg meegesleurd en dat is iets,” bekent Mo, “wat ik niet bij alle finalisten voel en ik heb vaak genoeg naar ze gekeken.” De heren twijfelen niet over de act waar ze het meest van onder de indruk waren. “Dope, D.O.D.!” roepen ze trots over hun stadsgenoten.


Dret en Krulle

Het woord waar jurylid Koos bij Dret en Krulle aan denkt, is ‘broederliefde’. De heren maken als onderdeel van de Bijlmerstyle-formatie Vaderloze Troepe al ongeveer 7 jaar al muziek maar treden pas sinds dit jaar op als duo. “Hoe sterk zij samen staan komt tijdens hun shows erg mooi naar voren. Ze komen allebei uit een buurt waar echt niet alleen maar goede muziek vandaan komt en dan is het soms moeilijk om daar toch bovenuit te steken. Ik heb heel lang in Zuidoost gewoond en toen ik er pas kwam, dacht ik: ‘Hier zijn zeker allemaal mensen die van echte hiphop houden.’ Dat viel heel erg tegen. Bovendien,” vervolgt Groenendijk, “hebben Dret en Krulle echt hun eigen ding gedaan en ze zijn niet met de wind van M.O. en Brakko mee gevaren.”

Maar winnaars van de Hip Hop-finale van vorig jaar hebben ze zeker wel geïnspireerd. “M.O. en Brakko, hebben vorig jaar de Bijlmer echt gerepresent en we vinden dat de prijs in de Bijlmer moest blijven. Het heeft de mensen uit Zuidoost die bezig zijn met muziek echt geïnspireerd omdat nu heel zichtbaar werd dat hard werken wordt beloond. Er werd, onder andere op Hip Hop-gebied, nooit echt veel naar de Bijlmer gekeken maar,” legt de 19-jarige Krulle eerlijk uit, “heel veel mensen daar sliepen ook. Toen M.O. en Brakko die prijs pakten, werd iedereen wakker en nu zijn mensen gretig om hun ding te doen. Het is voor ons ook een drijfveer om nog harder ons best te doen.

In de halve finale hebben we alles gegeven. Nu we in de finale staan is alles nog serieuzer en,” vervolgt hij zelfverzekerd, “zijn we aan om die prijs te pakken!” Hoewel de vergelijking snel wordt gemaakt zijn er volgens Dret meer verschillen dan overeenkomsten met de winnaars van vorig jaar. “Het enige dat ons direct aan elkaar linkt is dat wij ook 2 zwarte mannen uit de Bijlmer zijn; onze sound, stijl, karakters en muziek verschillen heel veel met die van hun. Qua muziek zijn ze meer laid back en onze beats en teksten zijn toch wat feller. We zijn ook jonger dus we zijn misschien ook gewoon nog wat wilder.”

Waar de jury tijdens de kwartfinale minder wild van was, waren de beats. Deze kritiek is echter positief ontvangen. “De juryrapporten zijn heel nuttig want ze houden je scherp. Hierdoor kun je ervoor zorgen dat de vorige kritiekpunten niet meer bij een volgende show te zien zijn,” legt Dret uit. “Bij de kwartfinales was de kritiek dat de beats niet zo hard klonken maar dat wisten we: wegens tijdgebrek konden we ze niet af laten mixen zoals we wilden. Voor onze show in Apeldoorn is dit met heel veel dank aan KillingSkills wel gelukt,” vertelt hij over de hulp van de producer die, terwijl hij glimlachend op zijn appel kauwt, de lofzang van Robert Coblijn, SpliffAttack en het duo bescheiden in ontvangst neemt.

“Dret en Krulle zijn in mijn ogen een beetje met de hakken over de sloot de kwartfinale doorgekomen maar de halve finale in Apeldoorn hebben ze echt gerockt,” knikt Koos heftig. “Ze brengen Hip Hop van de straat, ze hebben sterke teksten en zijn goed op elkaar ingespeeld.” Hij geeft aan dat het duo tijdens de competitie volgens hem de meeste vooruitgang heeft geboekt. “Vergeleken met hun show tijdens de kwartfinale in Bitterzoet zag je in Apeldoorn echt een groot verschil: ze hadden een interessantere show. Ik vind het ook belangrijk hoe acts hun aanhang weten te mobiliseren. In Bitterzoet was dat minder maar bij de halve finale stond een buslading aan Bijlmeraanhang in De Gigant. Ze deden ook nummers die voor interessanter waren voor het publiek. Bovendien deed het hele publiek, en zeker niet alleen de Zuidoost-aanhang, goed mee.”

Wat we in de finale van ze mogen verwachten, weet Dret in één woord samen te vatten. “Vuur!” glimt de Grijns van de Bijlmer trots. De vraag naar welke finalist zij zelf het liefst luisteren, ontketent een kabaal van waardering. “UnknownEye! Ik kende niets van hem. Ik kende Kraantje en Fotosynthese al, ik zag ergens een cd Dope D.O.D. liggen dus die heb ik gecheckt, ik heb wat van Tastic gezien maar van UnknownEye,” ratelt Dret terwijl zijn bureaustoel schudt onder zijn enthousiasme “kon ik niets vinden. Nu heb ik die Grote Prijs-mixtape geluisterd en ik hoorde die tracks van hem… fuc-king verschrikkelijk! Hij brengt dat revolutionaire ding en dat is mijn shit! Oh mijn God, hij leeft er echt voor. Big up naar Unknown Eye, man. Jawel, jawel!” “Ik sluit me volledig bij Dret aan,” lacht Krulle.


Fotosynthese

“We proberen langzaam van dat leeftijdding af te komen maar het werkt natuurlijk ook in mijn voordeel. Dat ik 16 ben is iets wat me, zeker in de GPNL, onderscheidt van de andere rappers. Ik moet er natuurlijk niet te lang mee bezig blijven: anders onderscheid ik me niet door mijn rap skills maar,” weet de rappende NAC-supporter, “steeds door mijn leeftijd. Wanneer ik 18 ben, is het minder bijzonder.” Volgens Koos werkt het nu in ieder geval nog prima. “Ik denk dat wij hem echt hebben gekozen met het idee dat hij nog zoveel kan brengen en,” vertelt hij, “hij kan echt heel goed flowen.” Ook Lee is onder de indruk: “Zijn leeftijd geeft aan hoe getalenteerd hij is. Als hij 29 was en hij rapte op deze manier dan was het nog steeds goed maar dan zou je hem er misschien op af kunnen rekenen dat zijn manier van rappen niet de allerorigineelste is; toch kunt je er niet onderuit dat er bij hem een volwassenheid zit die bijzonder is voor iemand van 16.”

Foto, in de Grote Prijs van dit jaar the last Brabander standing, heeft op zijn beurt ook een kritische blik over de juryrapporten laten glijden. “Ik had wel dingen die ik nog nooit eerder had gelezen maar of ik ook echt met alle feedback iets kan… Er waren wel een aantal kritiekpunten waarvan ik dacht ‘Hoe komen ze daar nou bij?’ In één van de rapporten stond bijvoorbeeld dat ik niet teveel Jiggy Dje-tje moest spelen. Met alle respect naar zijn vette en inspirerende liveshow maar Jiggy heeft dingen met de DJ ook niet uitgevonden. Het is kritiek waar ik niet echt iets mee kan omdat ik juist het ook als een compliment zag dat ze het zo zagen; je moet er natuurlijk wel mee uitkijken,” beseft hij. “Een ander punt ging over de variatie van beats en dat vond ik ook een aparte opmerking. De eerste 3 tracks die ik tijdens de halve finale deed, hadden drum ’n bass-, een reggae- en wat meer Hip Hop-beat; nu vind ik dat in een kwartier al vrij veel verandering qua beats,” lacht hij vriendelijk. “Er waren ook zeker wel dingen die ik las en waarvan ik vond dat ze gelijk hadden. Ik heb de halve finale Delft ook niet gewonnen dus er zal vast wel iets op aan te merken zijn geweest.”

Evenals Kraantje, zijn medegenomineerde voor Rookie of the Year bij de State Awards, was ook Fotosynthese niet direct door naar de finale. “Die avond had ik, met alle respect naar de andere acts in Delft, echt het gevoel dat we wel zouden winnen. Na mijn optreden kwamen er zelfs andere acts naar me toe om te zeggen dat ik de winst wel zou pakken. Nu ben ik nog vrij jong en word ik daar toch wel snel door beïnvloed en het was een klap in m’n gezicht dat UnknownEye die avond won. Misschien was dit wel terecht maar op dat moment had ik zoiets van ‘Wow!’ We hadden 70 man mee en,” eert hij trots zijn aanhang, “het is ook echt een Bredase avond geworden. In die periode tussen de uitslag in Delft en de uiteindelijke bekendmaking van de laatste drie finalisten dacht ik: ‘Ik zie het wel. Als ik nu niet door ben naar de finale dan ben ik in ieder geval tevreden met wat ik heb neergezet.’ Toen Lijn5 belde was ik wel echt heel blij,” vertelt hij eerlijk.

Inmiddels zijn de voorbereidingen voor zijn optreden in Paradiso in volle gang. “M’n liveshow heb ik na de halve finale in Delft nog een keer aangepast. Samen met Rachi, mijn DJ, wissel ik na elke show  ideeën uit over wat we qua beats willen doen. Tijdens de vorige editie van Definitie van Dopeheid hebben we een show neergezet die we zo vet vonden dat we daar weinig meer aan veranderen. We legden het juryrapport ernaast en wat dingen aangepast. Een show die nu goed gaat, kan ik liever nog beter uitvoeren in plaats van dat we snel iets compleet nieuws verzinnen. We gaan tijdens de finale voor een solide show.”

De Vwo-scholier geeft aan het iedereen te gunnen maar hij heeft wel een voorkeur: “Kraantje Pappie en Dret en Krulle,” knikt hij. Voorspellingen over de finale heeft hij niet. “Er kan van alles gebeuren: we zijn 6 compleet verschillende finalisten. Dope DOD komt met rauwe hiphop, UnknownEye komt met Engelstalige boombap basics en dan heb je de NL-acts. Het kan alle kanten op gaan: de jury kan kiezen voor de rauwe beats van Tastic, de vrolijke swagger van Kraantje of voor de jongste finalist.”

Ook juryvoorzitter Guno vindt het moeilijk om inhoudelijk iets over de finalisten te zeggen. “Ze maken allemaal kans op de hoofdprijs maar bijna allemaal op hele verschillende punten. Het pleit voor de één dat hij een enorm talent is terwijl het voor de ander pleit dat zijn product al behoorlijk ‘af’ klinkt. Als je die vergelijkingen naast elkaar zet dan wordt het zo’n abstract geheel dat het de vraag is hoe je dit met elkaar vergelijkt. Mensen denken vast: ‘Dat is toch juist wat jullie bij de Grote Prijs horen te beantwoorden?’ Dat klopt maar we kiezen er als organisatie bewust voor om de juryberaden achter gesloten deuren te houden: het ligt binnen de Hip Hop-gemeenschap nu eenmaal gevoelig. Wat ik wel wil vertellen is dat alle zes acts in de finale staan omdat ze op bepaalde punten heel hoog scoren; om welke punten dit gaat is bij de één een heel ander verhaal dan bij de ander. Die onderlinge verschillen zorgen dit jaar voor lastige juryberaden in de Hip Hop-categorie.

Het verschil met voorgaande jaren,” verklaart Oosterling, “is dat er na 2004 in Nederland qua Hip Hop een groter artiestenveld is ontstaan. Waar het vroeger alleen ging om Extince, Brainpower en, om maar eens een halve Hip Hop-band te noemen, Osdorp Posse zie je dat er nu meer gebeurt omdat er meer rappers zijn. Ook in de Hip Hop-categorie van de GPNL staan vaak een hoop acts die recht hebben op een plek in de finale; het is dit jaar moeilijk te bepalen in hoeverre de ene act hier meer recht op heeft dan de andere. Als juryleden vonden we het tijdens de halve finales al moeilijk om hier een beslissing over te nemen. Het is inderdaad vergelijkbaar met de finale van 2008: daar zat, in tegenstelling tot de jaren daarvoor, ook geen gedoodverfde favoriet tussen. Sowieso kun je nooit van tevoren zeggen wie zal winnen maar dit jaar al helemaal niet.”

Jurylid Dave Vanderheijden vindt dat de finalisten qua niveau “allemaal best dicht bij elkaar liggen”. Hij geeft aan “in deze finale geen uitgesproken favoriet” te hebben. Om te voorkomen dat het beantwoorden van de vragen een verkeerd beeld van zijn voorkeuren schetst, werkte hij liever niet mee aan dit artikel.

Advertisements

About Zeefuik

Zeefuik is an Amsterdam based writer and organizer whose work focuses on imagery, representation, anti-Black racism, (digital) archives and the undocumented members of the Black communities in the Netherlands.

Posted on November 23, 2009, in Dutch pieces, NL-based Hiphop. Bookmark the permalink. Comments Off on Grote Prijs-special: De finale (deel 1).

Comments are closed.

%d bloggers like this: