Category Archives: Dutch pieces
For us, by us, with our vote: Waarom ik op Artikel 1 stem (1/3)
T/m 14 maart plaats ik elke dag één stuk over waarom ik vind dat we woensdag 15 maart allemaal op Artikel 1 dienen te stemmen.
Eerst wat basics
– Totale aantal zetels in de Tweede Kamer: 150.
– Kiesdeler: Het aantal stemmen dat nodig is om één zetel te behalen. In 2006: 65.591. In 2010: 62.773.
Laten we het zekere voor het onzekere nemen en zeggen dat we nu 66.000 stemmen nodig hebben per zetel in de Tweede Kamer. Hoeveel is dat? Wat cijfers ter vergelijking:
Inwoners Bijlmer: >84.000. Inwoners Rotterdam: > 633.000.
Een aantal CBS-cijfers over de grootste gemeenschappen (op basis van landen van herkomst) in NL:
– Aruba, Bonaire, Curacao, Saba, St. Maarten, St. Eustatius: 151.000 personen.
– Somalië: 39.000 personen.
– Suriname: 349.000 personen.
Mijn stem op Artikel 1 is tweeledig: op woensdag 15 maart stem ik niet alleen vóór zaken… ik stem ook absoluut tegen een aantal kwesties.
Ik stem voor:
– De aanwezigheid van kritische Zwarte politici in de Tweede Kamer. Nice dat zoveel Black politicians de tijd nemen om tijdens door ons georganiseerde debatten te vertellen waarom we op de PvdA, D66, GroenLinks of SP moeten stemmen maar geen van ze staat op een verkiesbare plek. Geen van deze partijen hebben Zwarte politici in de top 10 van hun kieslijst. Geen van ze. Let that sink in.
– De aanwezigheid van kritische, Zwarte vrouwen in de Tweede Kamer. Ik ben totaal niet onder de indruk van politici die met een partijshirt naar de WomensMarch gaan om daar een “Kijk mij eens Zwarte vriendinnen/medestrijders hebben!”- achtige selfie te maken. Als je anno 2017 voor de landelijke verkiez
ingen geen Zwarte vrouwen op een verkiesbare plek hebt staan, ben je 1989 voor me. Als je vindt dat Zwarte vrouwen niet per se door Zwarte vrouwen vertegenwoordigd hoeven te worden “want vrouwzijn is belangrijker dan etniciteit/’ras'” dan kom ik in deel 2 of 3 ongetwijfeld bij je maar voor nu moet je me echt even laten.
– Politieke stappen richting het dekoloniseren van het onderwijs in Nederland. Hopelijk krijgen we dan eindelijk schoolboeken waarin slavernij meer is dan een mager, eurocentrisch hoofdstuk en kolonialisme niet wordt beschreven als iets wat voornamelijk ging over de zoektocht naar kruiden en “nieuwe mensen leren kennen.”
– De partij die in het partijprogramma heeft opgenomen om Keti Koti (de afschaffing van slavernij door Nederland in Suriname, Aruba, Bonaire, Curacao, St. Eustatius, Saba en St. Maarten) een landelijke bezinnings- en feestdag te maken.
– De partij die expliciet heeft gezegd de IND (Immigratie en Naturalisatiedienst), het overheidsorgaan dat gaat over het toekennen en afwijzen van asielaanvragen, eens goed te willen controleren. De IND maakt fouten die resulteren in het illegaliseren van gevluchte personen. Ze zijn de opdrachtgevers van gewelddadige deportaties en ze runnen vreemdelingendetenties die absoluut inhumaan zijn. Tot nu toe is geen enkele partij hier streng op geweest; I’m putting my money on Artikel1.
Mijn stem op Artikel 1 is een stem tegen:
– Nogmaals: Partijen die geen Afrikaanse en/of Afri-Caribische politici in de top 20 van hun kieslijst hebben staan. Vertegenwoordiging/representatie is belangrijk!
– Partijen voor wie Afrifobie/anti-Blackness (racisme specifiek gericht tegen Zwarte mensen) nog geen issue is. In ieder geval niet op het niveau waarbij zowel de sociale als de institutionele vormen ervan aangepakt worden. Mijn stem op Artikel 1 is een stem tegen partijen die anti-Blackness/Afrifobie niet expliciet durven te benoemen in hun programma en/of statements.
– Partijen die de huidige anti-Zwart, anti-Islam en/of anti-vluchteling “sentimenten” van “bezorgde burgers” normaliseren. In de kieswijzer staat bijvoorbeeld de vraag: “Nederland moet de grenzen sluiten voor islamitische immigranten.” Besef dat hiermee het haatzaaien van rechts tot een algemeen programmaonderdeel gemaakt is.
– Partijen van wie de lijsttrekkers zich niet keihard tegen de anti-Islam “sentimenten” van “bezorgde burgers” uit durven te spreken. Partijleiders zijn zo bang om zetels te verliezen dat ze niet verder komen dan genuanceerdere versies van de Moslimhaat van hun rechtse collega’s. Geen van ze zegt bijvoorbeeld dat “kopvod” (zoals te zien is op de VVD-posters) een gewelddadige manier is om te spreken over een hijab/hoofddoek, geen van ze pleit in de landelijke media voor het beschermen van moskeeën tegen rechtse personen die de gebedshuizen besmeuren met varkensdelen, etc.
– Partijen waarvan de partijleiders zich in verkiezingsdebatten extreem-rechts niet expliciet als terreur durven te beschrijven.
Wanneer je niet op Artikel 1 stemt “omdat we die 66.000 stemmen voor één zetel toch niet halen” dan ben jij één van de redenen dat Zwarte mensen ondervertegenwoordigd zijn in de Tweede Kamer. Wanneer je niet stemt op Artikel 1 dan zeg je eigenlijk dat je:
a. Het niet erg vindt dat geen van de linkse partijen een Zwarte politicus op een verkiesbare plek hebben staan
en/of
b. Denkt dat linkse partijen die nu geen enkele Zwarte politicus op een verkiesbare plek hebben gezet vana
f 16 maart ineens For The People zullen zijn. Met andere woorden: je koopt een kaartje voor een concert van Lil’ Kleine en je hoopt dat je daarmee ook binnenkomt bij J. Cole, Erykah Badu, Solange of PinkOculus. Dus jij koopt een pindasoep van Cup-A-Soup, Johnny cake of Sabaayad bij Bakkerij Bart, injerawrap op een hipsterfestival of magnetron-jollof bij de AH to Go en dan denk je… nee, nee… dan hoop je dat het net zo smaakt als wanneer je op een familiefeest bent? Dat is namelijk precies wat je doet wanneer je denkt: “Ik vind de movements als Rhodes Must Fall en Black Lives Matter inspirerend dus laat me op de partij van Jesse Klaver, Alexander Pechtold of Lolo Asscher stemmen.” Rommel.
Morgen deel 2 van 3 over waarom ik vind dat we woensdag 15 maart allemaal op Artikel1 dienen te stemmen. O.a. over de punten die ik mis maar waarom ik alsnog ‘s ochtends vroeg direct op ze stem. Check ondertussen deze events:
– To be Young, Gifted and Voting in het Amsterdamse Bijlmer Parktheater, zo. 12 maart om 19:00 uur.
– Concrete Blossom’s Pop-up Politieke Helpdesk , t/m 16 maart in Rotterdam.
Preface to a twenty volume survival note – #1
We verliezen veel slaap aan de droom dat we slechts enkele ‘strategische’ stappen verwijderd zijn van een blackface- en politiegeweldvrij NL, dat we het ons nu kunnen veroorloven om in kleine(re) getale aanwezig te zijn. Sinds vorige week lees en hoor ik veel ideeën in de trant van: “Laten we geen van allen naar de intocht gaan zodat de politie tijd, personeel en geld verspilt. Ze zijn er immers niet om de racisten te arresteren!” of “Door massaal niet te gaan, tonen we NL dat ook wij de situatie met de extra veiligheidsmaatregelen vervelend vinden en als de racisten de noodverordeningen dan wel aan hun nazi-laarzen lappen dan ziet iedereen dat niet wij maar juist zij het probleem zijn!” Het is me compleet onduidelijk waarom een aantal van ons denkt dat we reeds de positie van Playful Trickster hebben verworven of dat we in een soort verkiezingsfase zitten waarin naast inhoud zowel charme als gezelligheid in de strijd gegooid moeten worden om de harten van ‘de zwevende kiezer’ te winnen. Belangrijker dan de analyses van deze illusies vind ik de vraag die me nu wakker houdt: Hoe desastreus is de oproep om niet te gaan voor de veiligheid van de mensen die wel gaan.
“Ja, maar als we nou allemaaaal…” Spaar me. Er is geen enkel realistisch scenario te bedenken waarin we geen van allen naar een intocht gaan en laat me meteen van de gelegenheid gebruik maken om een massive salute te geven aan de mensen die de afgelopen intochten deel uitmaakten van de anti-zp-demonstraties op locatie. Waarmee ik niet wil zeggen dat fysiek aanwezig zijn tijdens deze protesten de enige vorm van verzet is maar waarbij ik absoluut wél zeg dat de oproep om thuis te blijven insinueert dat deze manier van demonstreren ten koste gaat van de vooruitgang. Het verzet tijdens de intochten is vandaag de dag één van de belangrijkste jaarlijkse “meetmomenten” van racisme in Nederland. Een aantal van ons zal, gelukkig, blijven gaan. Aan de oproep om geen van allen meer te gaan zal, wederom gelukkig, niet door een ieder van ons gehoor worden gegeven wat betekent dat er nooit nul maar misschien wel minder personen zullen staan. Zij die hun fysieke en/of mentale gezondheid inzetten voor ons collectieve welzijn verdienen meer dan de oproep om niet naast ze te staan.
Zijn er sinds de arrestaties in Gouda burgemeesters geweest die zeiden: “Laten we, terwijl we grip proberen te krijgen op etnisch profileren en andere vormen van racisme binnen onze politietroepen, in onze gemeente de anti-zp demonstranten eens niet op laten wachten door een roedel agressieve agenten.” Waren er momenten waarop we dachten: “Nou nou, ‘extreem’-rechts laat het deze keer wel afweten. Slechts drie demonstranten. Volgende keer hebben we genoeg aan een halve bus…” Zijn er politici, bijvoorbeeld één van die puin-PvdA’ers die we te pas en te onpas uitnodigen om bij onze evenementen aanwezig te zijn of zelfs te spreken, die Kamervragen stellen over de wijze waarop agenten de anti-zp demonstraties de kop in proberen te drukken/slaan/schoppen? Zijn er partijen die dreigen het kabinet te laten imploderen indien onze veiligheid onderhevig blijft aan het institutioneel en genormaliseerd racisme waardoor het bedreigd wordt? Nee, nee, nee en neen.
We hebben de afgelopen maanden te vaak gezien wat politieagenten zich (denken te kunnen) veroorloven wanneer ze het gevoel hebben dat niemand kijkt . Minder demonstranten, minder smartphones en andere camera’s, minder “ogen”, minder getuigen. Of denken we dat we geloofd worden wanneer we, zonder dat het bewijs ervan viral zou gaan op social media, spreken over politiegeweld? Dat er puur op basis van onze blauwe plekken en traumatische herinneringen een onderzoek naar geïnstitutionaliseerd terrorisme wordt uitgevoerd?
Wie in een gevaarlijke situatie zelf niet graag outnumbered zou willen zijn, hoeft niemand op te roepen om een ander niet te joinen. To be continued.
A tribe called questionable #8
Nieuwsgierigheid is de beste vorm van PR en niemand weet zichzelf sneller te mobiliseren dan een ramptoerist. Elke film heeft te maken met ‘zwevende kijkers’, mensen die hun bioscoopbezoek af laten hangen van een trigger. Niet zozeer een trailer of een recensie maar een reactie die heviger en, bij voorkeur, collectiever is. Een controverse met als invalshoek ‘hilariteit vs. historie’ heeft natuurlijk niet genoeg sjeu en dat er binnen de zwarte gemeenschap zeer uiteenlopende opvattingen over een film zijn is leuk voor erbij maar het is echt niet iets waar wit Nederland de krieltjes voor stuk laat koken. Zwarte mensen zijn immers ‘altijd boos, overgevoelig en een slecht publiek voor zelfspot’. Toch ‘doen ze nooit iets al te drastisch’ dus als er nu ineens een doodsbedreiging komt… jeetje, dan wil je ‘best een avondje naar de bios om de volgende dag mee te kunnen praten over alle heisa’. Of deze bezoekers de drukte nu begrijpen of niet… het zal de kaartverkoop een kosjere worst zijn: een verkochte kaart is een verkochte kaart.
Vuijsje’s claim doet me denken aan die van Morton Downey jr., de Amerikaanse talkshow host die twee jaar lang een groot televisiesucces was. Morton was Jerry Springer avant la lettre, niets neutraler dan hysterie kon rekenen op zijn aandacht en dat ging goed tot 1989. Hij kreeg te maken met drama’s van kijkcijfers en toen was daar De Aangifte. Volgens Downey jr. was hij in één van de toiletten op het vliegveld van San Francisco aangevallen door Neonazi’s. De schade? Een op zijn voorhoofd gekladderd hakenkruis en een mislukte poging om zijn haar te scheren. De jongeman die werd aangeklampt als getuige geeft echter aan nooit een groep nazi’s te hebben gezien en de swastika stond in spiegelbeeld. Het publieke oordeel dat het hakenkruis omgekeerd was omdat de beste man het zelf en in de spiegel kijkend op zijn voorhoofd had getekend werd snel geveld. Slechts de domheid overtreft de tragiek.
Downey jr.’s wanhoopsactie was niet de eerste en is ook absoluut niet de laatste in z’n soort. Want wat is voor aandachtjunks nu angstaanjagender dan de houdbaarheid van hun persoonlijke relevantie? De verfilming van Vuijsje’s fantasie zorgt nu voor een hoop controverse maar het is niets wat niet doodgekauwd zal worden door de tand des tijds: zelfs de meest oplettende massa onthoudt vaker het syndroom dan de symbolen. Het door Vuijsje opgerispte verhaal is namelijk niets nieuws en zowel de film als het boek klinken als de fetisjistische crackdroom van een door Jungle Fever geïnspireerde sekstoerist die wanneer niemand het hoort “Lekker wijf…” sist naar een Sarah Baartman-poster. Ik schrijf ‘klinkt’ omdat ik mezelf alles wat voortkomt uit deze op papier gedroogde natte droom bespaar: ik kan het mijn stapel met een aantal nog ongelezen verhalen en essays van onder andere Octavia Butler, bell hooks, Ngũgĩ wa Thiong’o en R. Dobru namelijk niet uitleggen waarom ik ze voor een Vuijsje zou laten liggen. Maar niet getreurd… de formule is me bekend. Zijn volgende boek gaat ongetwijfeld over een ‘dikke’ witte vrouw (niet Joods, tho’… we houden het netjes) die is verlaten door haar saaie, nog wittere man en die toevallig terecht komt in Afrika (het land, niet het continent) waar ze gedurende de gehele trip belaagd wordt door zwarte mannen in tijgerspeedo’s. Ook zal firma Vuijsje druk onderhandelen over de musicalversie van zijn boek.
Terug naar het nu. De film draait, de meningen zijn gevormd en wanneer er niets opmerkelijks gebeurt zal ook dit zonder al te veel golven richting de verre horizon kabbelen. Vuijsje is echter te ijdel voor een snooze moment dus het wachten is nu op zijn eerste aangifte van mishandeling. De politie gaat op zoek naar wat zij beschrijven als “een negroïde man, waarschijnlijk van Surinaamse, Antilliaanse of Afrikaanse afkomt, met rastahaar en een opvallende gouden tand. De verdachte heeft een tatoeage in zijn nek en op het moment van het misdrijf droeg hij een zwarte trui met capuchon, een donkerblauwe spijkerbroek en buitengewoon schone sportschoenen.” De woeste, in de richting van Kraaiennest gevluchte ‘dader’ wordt nooit gepakt. Tijdens een niet lang daarna georganiseerd praatprogramma roept Vuijsje de zwarte gemeenschap op tot kalmte. Zijn nog ietwat beurse gezicht straalt van empathie. “Ik ben niet boos op jullie,” zal hij verzekeren. “Ik sta nog steeds achter de film en ik ben niet bang voor één of andere brada die niet tegen een grapje kan.” De crowd joelt enthousiast en terwijl hij subtiel naar de tafel met merchandise knikt, stuurt hij het gesprek in een andere richting. Vuijsje is namelijk the bigger man.
Wanneer de film en haar controverse ondergesneeuwd dreigen te raken door de zwartepietdemonstraties en –discussies volgt er een tweede incident. Het geweld is groffer, de kneuzingen ernstiger. Crime scene? Zijn woning. Vier donkere mannen laten hem alle hoeken van de woonkamer zien en intimideren hem door middel van met straattaal doorspekt antisemitisme. Vanzelfsprekend nemen ze ook de sieraden van zijn vrouw mee. Tijdens deze aangifte geeft hij aan slechts één van de jongens goed gezien te hebben en de politie komt bij het maken van de compositietekening potloden te kort om in te kleuren hoe donker deze dader is. In plaats van voor de KFC op het Bijlmerplein stationeert AT5 de camera’s nu op CS en Pauw en Witteman proberen samen met Howard Komproe (mr. Negerdag), Eva Hoeke (ervaringsdeskundige circa ‘Niggabitch’), Patrick Lodiers (kenner sinds zijn 10 weken lange excursie in de Bijlmer) en Negativ na te gaan wat er nu eigenlijk aan de hand is. De politie zoekt publiekelijk verder totdat zij aan de hand van een anonieme tip vermoeden dat de hoofdverdachte “waarschijnlijk naar Pariemaribo [sic] is gevlucht.” Waarschijnlijk, ja.
Doodsbedreiging? Zelfs voor het brein van Vuijsje is dat wel erg fantasieloos. Iemand zal ongetwijfeld een keer in zijn eten spugen of zijn wagen krassen maar moord op basis van ‘kunst’ is vaak gekoppeld aan een relevantie en impact die ik hem niet snel zie vervullen. De woede vanuit de gemeenschap wil absoluut niet zeggen dat Vuijsje een memorabele pionier is op het gebied van kolonialistisch fetisjisme; het betekent wel dat wat we zien ons nog steeds niet bevalt.
Sisser? Dit loopt af met een tjoerie.
You must be logged in to post a comment.