Author Archives: Zeefuik

Tweede Kamerverkiezingen 2010 – Stemmen of stilte

Rutte zuigt een deel van de door hem aangehaalde statistieken uit wat optimisten hopen dat zijn duim is, het komt de bezuinigingen ten goede dat privacy niets waard lijkt te zijn en de Scrabble-waarde van het woord ‘allochtoon’ lijkt verdriedubbeld. Het moge duidelijk zijn dat er een verkiezingsstrijd aan de gang is. Melodee (La Melodia), Salah Edin, Robert Coblijn (Bijlmer Style), Skinto, Manu en Statik Music vertellen of ze woensdag 9 juni stemmen.

Melodee (La Melodia)
“Ik sta meteen om 09.00 uur ’s ochtends bij het stembureau. Tijdens mijn opleiding Bestuur & Organisatie leerde ik hoe belangrijk politiek is en het zou gewoon dom zijn om een stem weg te gooien. Als je niet stemt mag je ook niet zeiken over waar je het niet mee eens ben. Wees van invloed op jouw toekomst en bedenk je wat gebeurt er als iedereen maar denkt dat zijn of haar stem niets uitmaakt. Beslis mee over wat er gebeurt!

Vroeger stemde ik, ook van huis uit, altijd PvdA. Nu check ik bewuster wat er op de agenda’s van andere linkse partijen zoals de SP en GroenLinks staat. Ik zal sowieso blij zijn als Balkenende eindelijk opgepiept is,” censureert ze zichzelf lachend. “Het CDA is überhaupt niet mijn partij: ik vind ze qua bepaalde denkbeelden te conservatief en daar sluit ik me niet bij aan. Hun gemeentebeleid verschilt overigens van waar ze zich landelijk op richten maar de tendens van de vertrutting blijft hetzelfde. Het sluiten van coffeeshops of de bemoeienis waarbij bepaald wordt of ik wel of niet met een biertje op het terras mag zitten is iets wat me bijvoorbeeld te ver gaat. Ik blow overigens niet maar die betutteling irriteert me. Balkenende vertegenwoordigt deze ideeën en het is nu echt tijd voor wat anders.”

Balkenende is niet de enige politicus waar ze niets van moet hebben. “Moet je kijken hoeveel media-aandacht Wilders krijgt. Hij schreeuwt maar wat om reacties uit te lokken en radicaal te zijn maar gelukkig is er ook aandacht voor het feit dat zijn standpunten vroeger veel gematigder waren. Ik vind het goed dat ze zoiets belichten want ik denk dat heel veel Wilders-stemmers, en dat is misschien ook gechargeerd, niet verder kijken dan alle aandacht die hij opeist. In de tijd van Fortuyn hoor je hem nog zeggen dat hij niets tegen moslims heeft maar wat hij nu zegt laat hem klinken als Hitler. Ook wil hij alle kunstenaars en intellectuelen de mond snoeren. What’s next? Ik vind het gewoon beangstigend,” vertelt ze over de partij die niet terugschrikt voor de invoering van oude Joodse wet maar niets moet hebben van een moderne hoofddoek. De MC bespeurt een trend. “De algemene tendens in Europa is dat al de kabinetten steeds rechtser worden en Nederland gaat hierin mee. Wat dat betreft loopt onze regering niet achter; ze lopen mee.”

Een ontwikkeling waarbij we volgens Melodee wel wat meer naar andere landen zouden mogen kijken, is die van de positie van vrouwen. “Wat ik leuk zou vinden als we vaker een grotere rol binnen de politiek zouden hebben. Er zijn wel vrouwen zoals Femke Halsema die hun ding doen maar in de Intermediair bijvoorbeeld lees ik nog steeds dat vrouwen nauwelijks aan de top komen, dat we minder betaald krijgen, dat we tegen glazen plafonds aanlopen en dat we gediscrimineerd worden. Dat is echt achterhaald; landen als Zweden zijn ons ver vooruit gestreefd.”

Salah Edin
“Geen enkele politieke partij is mijn stem waard maar stem ik zeker,” vertelt de rapper die een tijd lang blanco heeft gestemd. “Er is nog steeds geen partij waar ik volledig achtersta maar ik kies nu voor degene die het dichtst bij mijn ideeën in de buurt komt. Het belangrijkste voor mij is dat er geen geld aan oorlogen meer wordt besteed, dat het onderwijs wordt verbeterd en, maar dat is misschien te idealistisch, dat de toezichtcamera’s worden weggehaald.”

In het kakofonische kabaal van de verkiezingsstrijd mist hij een aantal zaken. “Partijen verzinnen hun eigen plannen en vragen de mensen niet naar ideeën over verandering. Ministers noemen zichzelf onterecht volksvertegenwoordigers: ze komen alleen naar buiten wanneer zij het belangrijk vinden. Ik hoor niemand praten over vluchtelingen; dit is voor politici geen boeiend onderwerp omdat ze financieel gezien niets opbrengen en alles wat geld kost daar wordt liever niet over gesproken. Nederland blijft een kapitalistisch land en de politici zijn ook allemaal maar poppetjes van wie de touwtjes in de handen van bedrijven of sponsors zijn. Het begint qua verkiezingsstrijd op Amerika te lijken.

Vooral in campagnetijd is de keuze tussen de partijen is soms klein. Iedereen,” weet hij “houdt een verkooppraatje maar ik kijk naar de mensen die wat rustiger zijn, die verder kijken en die hun standpunten helder kunnen formuleren. Politici die andere partijen zwart maken, vind ik fout: uit respect voor hun eigen programma hoeven ze niet extra te benadrukken dat wat andere politici zeggen niet interessant is.

Ik ben ooit benaderd met de vraag of ik de aspiratie heb om de politiek in te gaan. Het antwoord daarop is ‘Nee!’” vertelt hij stellig. Als muzikant heb ik veel meer vrijheid om m’n mening te kunnen uiten en ik probeer op mijn manier de politiek te bereiken. Ik kan zeggen wat ik wil en ik hoef me niet aan allerlei bureaucratische regeltjes te houden. Als artiesten vertellen we de verhalen die het volk meemaakt; ministers voeren dingen uit waarvan zij denken dat het volk het nodig heeft. Politici zijn mensen die met hun oplossingen stemmen proberen te generen voor een lange periode goed verdienen.”

Op wie hij stemt, houdt hij liever voor zich. “Als ik dat vertel, zijn er mensen die naar me luisteren, niet weten waar die partij voor staat maar er dan op stemmen omdat ik die naam genoemd heb. Ik wil dat iedereen zelf op onderzoek uitgaat en daaruit zijn eigen mening filtert. Bezoek de sites van de partijen die het dichtst bij je liggen en raadpleeg de stemwijzers. Bedenk wat je vindt van thema’s als onderwijs, werkgelegenheid en de financiële schulden van Nederland en kijk naar wat er bijvoorbeeld in Griekenland en Italië gebeurt. Stem als je wat te zeggen hebt. Als jouw partij verliest dan kun je altijd zeggen dat het niet jouw keuze was. Als ze winnen dan hoop ik in ieder geval dat ze er het beste van maken. Zelf,” lacht hij geheimzinnig, “stem ik natuurlijk op een linkse partij.”

Robert Coblijn (Bijlmer Style)
“Iedereen die zichzelf als volwaardig individu beschouwt, praat graag mee over belangrijke zaken. Ik stem zeker maar door de recessie wordt overal op bezuinigd waardoor je eigenlijk geen peil op de programma’s kan trekken. Ik vind zorg belangrijk en dit is iets waar de SP zich op richt. De PvdA gaat alle kanten op en GroenLinks staat te ver van mijn standpunten en mentaliteit dus hier stem ik sowieso niet op. Ik twijfel… nee, ik ben er bij deze uit,” besluit hij na een korte stilte, “het wordt de SP.”

De jonge ondernemer is geenszins enthousiast over de aankomende verkiezingen. “Geen enkele partij vertegenwoordigt Surinamers en Antillianen. Cruciale zaken, zoals de excuses van Nederland voor de slavernijgeschiedenis, liggen nog steeds open en worden nog steeds niet op een volwassen manier besproken. Een andere issue is het onderwijs. Hoe komt het dat achterstandswijken slechter onderwijs hebben? Onze kinderen groeien op met onvoldoende kennis en dit houdt de achterstand in stand. Er is geen vertegenwoordiger die dit goed oppikt en die de intentie heeft om zwarte mensen in Nederland een betere toekomst te bieden.

Het politieke systeem in Nederland,” vervolgt hij, “is verouderd. Het is verdeeld in arbeiders, Christenen, ondernemers en socialisten; dit zijn termen die jongeren niet kennen. Tegenwoordig laten allochtonen noch autochtonen zich indelen volgens deze oude structuren. Politici moeten sowieso meer oog hebben voor wat er in de maatschappij gebeurt. Het gaat niet alleen over allochtonen: als je buiten de grote steden kijkt dan kampt de witte jeugd met dezelfde problemen. Het is geen rassenkwestie; het is een klassenkwestie. De belangrijkste problemen worden verkeerd geanalyseerd en er wordt een bak geld tegenaan gesmeten waar geen rendement uit voort komt. De verkeerde problemen worden opgelost met de verkeerde oplossing. Nu is de regering bijna failliet omdat er veel te veel geld wordt verbrast.

Kijk bijvoorbeeld naar ontwikkelingshulp: dit geld gaat niet naar de mensen die het nodig hebben maar het blijft bij de gasten die het geld ontvangen en dat zijn corrupte motherfuckers die het in hun eigen zak steken. Er wordt ook teveel geld besteed aan het overdreven cameratoezicht en de inzet van politie-eenheden in sommige gebieden. Het wachtgeld dat politici krijgen als ze demissionair zijn of ontslagen worden is ook bullshit. Zij krijgen 3 jaar wachtgeld terwijl wij maar 1 jaar WW krijgen en daar willen ze ook nog op korten. Ze staan met droge ogen te vertellen dat ze willen bezuinigen op alles en iedereen maar aan de andere kant blijven het wachtgeld en hun overdreven salaris in stand. En dan is er natuurlijk het koningshuis… Dat is echt de grootste geldverspilling. Ik vind het belachelijk dat dit nog steeds in stand wordt gehouden. Het is een familie van piraten die miljoenen krijgen om een beetje te flossen in Mozambique en om rond te rijden in een gouden koets. Laat ze maar werken voor hun geld en betalen voor hun shit. Waren ze laatst niet een miljoen kwijt aan een boot die ze laatst kochten? En dat terwijl andere mensen hier pinaren. Het geld dat zij kosten moet in het onderwijs en de zorg worden gestoken!”

Statik Music
“Ik wil wel stemmen maar ik heb me niet verdiept in de verschillende programma’s,” vertelt AllOne. Skully weet het bijna zeker: “Ik stem niet omdat ik niet weet waar de verschillende partijen zich mee bezig houden. Zaken als het afschaffen van de OV en de studiefinanciering vind ik belangrijk maar niet genoeg om speciaal voor te gaan stemmen. Door onze projecten heb ik het te druk gehad om me in de aankomende verkiezingen te verdiepen en ik wil niet zomaar op iemand stemmen. Als ik toch besluit te stemmen dan verdiep ik me er wel in.

Ik heb wel het gevoel,” vervolgt hij “dat ik me, als ik niet stem, schuldiger voel dan wanneer ik zeg dat stemmen er niet toe doet. Ze zeggen dat wanneer je niet stemt jouw stem toch wel naar een partij gaat. Bovendien denk ik dat politici doen wat ze willen.” Skully noemt de euro als één van de wortels van zijn argwaan. “Dat is het klassieke voorbeeld. Een groot deel van de bevolking was tegen maar het is er toch doorheen gedrukt. Hetzelfde geldt voor de OV-chipkaart! Ik voel me ook echt niet betrokken bij de besluiten die worden genomen.” Dat hij deze besluiten niet kent, mag volgens Skully de pret niet drukken. “Het feit dat ik ze niet ken, bewijst dat ze zich bij de besluitvorming niet tot mij richten. Als dit wel zo was dan kende ik ze. Zij moeten moeite doen om mij te bereiken en niet andersom.”

Een partij die het wat betreft het bereiken van jongeren volgens de heren wel begrepen heeft, is Bijlmer Style. AllOne is dan ook lovend over het initiatief van Bijlmergenoten Robert Coblijn en Gikkels. “Er is in de landelijke politiek geen enkele partij die zich echt richt op jongeren. De jeugd luistert eerder naar iemand als Robert dan naar Balkenende. Aan zijn manier van praten en zijn uitstraling merk je dat hij oprecht is,” vertelt hij over de partij waar hij tijdens de laatste gemeenteraadsverkiezingen overigens niet op stemde. “Het blijft lastig om jongeren te interesseren in de politiek,” weet Skully. “Een schematisch overzicht van de thema’s van de verschillende partijen werkt volgens mij,” brainstormt hij, “beter dan al die debatten. Dat is allemaal te politiek; ik weet soms niet waar ze het over hebben als het gaat over de besteding van bepaalde budgetten.”

Toch raadt het tweetal mensen aan om woensdag 9 juni wel te gaan stemmen. “Als je denkt dat jouw stem heel wat uitmaakt dan,” vindt AllOne, “moet je gaan stemmen. Maar stem niet automatisch op de partij waar jouw ouders op stemmen!” “Doe onderzoek voordat je gaat stemmen en,” vult Skully aan, “stem niet omdat iemand op tv veel rook aan het maken is. Op televisie hebben ze iets van 45 seconden om hun verhaal te vertellen en dan laten ze natuurlijk alleen de mooie dingen zien. Kijk ook naar de rest van het programma.”

Manu
“Nee,” antwoordt hij beslist op de vraag of hij gaat stemmen. “Ik niet geloof in de huidige vorm van politiek en ik wil er niet in participeren. Het is politiek in essentie maar het is waanzin om te denken dat je een volk van 16 of 17 miljoen mensen kan regeren. In Nederland hebben we te maken met een meerpartijensysteem waardoor er altijd concessies gedaan worden en stemmen een symbolische in plaats van inhoudelijke waarde heeft. Bovendien wordt de politiek anno 2010 niet wordt gedicteerd door politici maar door het bedrijfsleven.” De veelal aangehaalde redenering dat mensen die niet stemmen ook niet mogen klagen is minder dan ruis op zijn radar. “Dat is pure onzin. Als de partijen de uitkomst van het beleid zouden bepalen dan zou hier een kern van waarheid in zitten maar dit is absoluut niet het geval.”

De rapper die bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen nog blanco stemde, blijft realistisch. “Het idee om als collectief niet of blanco te stemmen gaat niet lukken. Het is nu eenmaal een gegeven dat niet meer dan 60% van de bevolking niet stemt omdat er veel mensen zijn die het gevoel hebben dat het een verworvenheid van de huidige samenleving is om te mogen stemmen. Dat het een voorrecht is om te mogen participeren. Dit snap ik; vandaar ook mijn scepsis.

Doordat ik er zo weinig vertrouwen in en affiniteit mee heb wil ik er geen energie in steken dus zal ik mensen niet oproepen om niet te stemmen. Er zijn genoeg andere dingen die ik wel de moeite waard vind en die geen reflectie zijn van een oud, beperkt gedachtegoed.

Kijk,” legt hij uit, “elke partij vertegenwoordigt een bepaald oppervlakkig ideaal. Dat is inhoudelijk helemaal niet erg: die partij heeft niet het alleenrecht om te regeren. Het partijprogramma kan in de huidige setting dus niet ten volste tot uitvoering gebracht worden. In mijn ogen betekent het dat het een leuk circus is waarbij allerlei verschillende partijen binnen het spectrum een plek hebben maar uiteindelijk allemaal meespelen met hetzelfde spel. Hierbinnen zijn ze geen van allen slagvaardig en krijgen ze door het bedrijfsleven maar ook door Europa steeds minder zeggenschap. Ik geloof niet in de poppetjes aan de linkerkant maar ook niet in die aan de rechterkant: het is een methode om het volk aan een verdeel-en-heers-strategie te onderwerpen terwijl er eigenlijk geen verschil is tussen beide kanten.”

Het feit dat een aantal ministers weigert te zitten op wat een kussen van blaren zou moeten zijn, verstrekt zijn verzet. “Ondanks dat wij hun ass betalen, nemen politici absoluut geen verantwoordelijkheid voor hun besluiten. Balkenende neemt geen verantwoordelijkheid voor de twee oorlogen waar hij ons op grond van valse berichtgeving op af heeft gestuurd, hij neemt geen verantwoordelijkheid voor de euro die hij na een referendum alsnog heeft doorgevoerd. Er wordt gesproken over 2030 en 2040 maar we leven nu!”

Skinto
“Ik stem op de PvdA. Ik heb gehoord dat andere partijen de studiefinanciering af willen schaffen en in leningen willen veranderen; de PvdA is hiertegen. Ook zijn zij de enige partij die mensen waarschuwen tegen de standpunten van de PVV en de uitspraken van Wilders. Als ik de stemwijzer invul dan kom ik trouwens ook bij hun uit,” lacht hij overtuigend.

“Ik stem omdat ik niet wil dat mijn stem naar de verkeerde partij gaat en dat is wat ze zeggen dat er gebeurt als je niet stemt. Als er verkeerde politici aan de macht komen dan zou het hier weleens lelijk af kunnen lopen. We zouden oorlogen kunnen krijgen en dat is niet wat we moeten willen. Er werd in het verleden al eens gedreigd met bomaanslagen naar aanleiding Wilders’ uitspraken dus wat gebeurt er als hij minister-president wordt? Zijn mond is echt te groot en hij zal veel problemen veroorzaken als hij aan de macht komt.”

Volgens Skinto is zijn betrokkenheid eerder uitzondering dan regel. “De jongens waar ik mee chill, willen dit echt niet allemaal horen. Deels omdat ze zich er niet in verdiepen maar ook omdat ze zich niet met de politici kunnen identificeren. Sommige mensen hebben dagelijks het gevoel dat ze in een hoekje worden gedrukt waardoor ze te opgefokt zijn om zich ook nog een keer met de politiek bezig te houden. Dat snap ik. Ze zouden op scholen bijvoorbeeld meer projecten moeten opzetten waardoor jongeren beter begrijpen waar het in de politiek om gaat en wat het belang van stemmen is. Of we moeten met een aantal artiesten tijdens onze optredens wijzen op bepaalde thema’s. Het is natuurlijk wel even afwachten om te zien of de aandacht van het publiek dan niet verslapt maar ik weet zeker dat een aantal van ons krachtig genoeg zijn om die rol te dragen. Mensen onderschatten de stem van artiesten.

Rappers zoals Merage en Akwasi zijn hier bijvoorbeeld perfect voor. Toen ik Merage nog niet zo goed kende, hadden we een keer een gesprek over de positie van zwarte mensen en hij wist echt waar hij het over had. Ik wilde echt naar hem luisteren en de manier waarop hij zijn kennis over historische en sociale onderwerpen weet over te brengen, is heel dope! Akwasi is gewoon the people’s favourite,” grijnst hij trots. “Wat hij zegt komt heel goed over en ik denk dat hij één van de mensen is die zo’n rol zou kunnen dragen.” Wat hij anderen aanraadt? “Doe wat je moet doen, 9 juni!”

(Juli 2010, voor Statemagazine)

De Laatste Dichters

“‘Niggers are scared of revolution’. Ja, natuurlijk zijn we bang…”

The Last Poets zijn volgens velen de mannen die de bel op het plein van de old skool lieten rinkelen. Christine Otten schreef in 2004 de roman De Laatste Dichters; Amsterdams productiehuis MC legde de afgelopen weken de laatste hand aan de theaterbewerking van het boek over het New Yorkse dichterscollectief. Gery Mendes a.ka. GMB, Unorthadox, Linar Ogenia, regisseur Marjorie Boston en DJ Lovesupreme vertellen over de dichters en de totstandkoming van het stuk dat donderdag 27 mei in première gaat.

De groep werd op 19 mei 1968, de verjaardag van de drie jaar daarvoor vermoorde Malcolm X, in het New Yorkse Marcus Garvey Park gevormd dichters David Nelson, Gylan Kain, en Abiodun Oyewole. In de loop van de jaren veranderde de samenstelling van de groep; dichters Umar bin Hassan, Jalal Nurridin, Felipe Luciano, Sulaiman El Hadj en percussionisten Nilija en Babatunde maakten, zij het op verschillende momenten, deel uit van het veelal gerespecteerde gezelschap.

In het stuk wordt van drie van de zeven dichters het verhaal uitgelicht. Bij de overweging welke karakters aan bod zouden komen sprong één aspect er het meest uit. “Drama, puur drama. Ook uitgaande van het boek zat bij deze personen de dramatiek,” vertelt Marjorie Boston, MC’s artistiek leider die samen met Maarten van Hinte de regie van De Laatste Dichters op zich neemt. Vanuit dit oogpunt ligt het accent van de voorstelling op de verhalen van Gylan Kain, Umar Bin Hassan en Felipe Luciano, respectievelijk gespeeld door Unorthadox, Linar Ogenia en Gery Mendes. “We zochten bewust naar MC’s en poets die bewust zijn van de taal, de woorden, de boodschap en de melodie van hun rhymes en die de personages goed konden dragen. Wij doen nooit aan audities; we volgen de spelers, artiesten en makers een aantal jaar waardoor onze zoektocht vaak langer duurt dan normaal. We hebben dan ook bewust gekozen voor Linar, Gery en Dox; het zijn alledrie sterke acteurs en virtuozen op het gebied van poetry!” glimt de grande dame trots.

Los van het grote plaatje zijn de drie heren zelf verhalen op zich. “Umar bin Hassan,” vertelt ze over de dichter die zich in ’69 aansloot bij het gezelschap, “kon als kind niet goed praten en hij heeft een lange tijd überhaupt niet gesproken; door poetry heeft hij zijn stem gevonden. Nu is het iemand die op zijn manier de kracht van taal overdraagt.” Voor Linar is dit herkenbaar. “Soms heb ik ook moeite met spreken; dit uit zich in stotteren of het praten met veel geluiden in plaats van met woorden. Ik schrijf al een tijd gedichten maar mezelf verbaal uitdrukken is heel lang echt een ding voor me geweest.” Ook andere delen van z’n privé-leven, zoals Bin Hassan’s relaties met vrouwen, zijn voor de jonge artiest herkenbaar. “In het boek wordt dit uitgelegd als seksverslaving maar het gaat er eigenlijk om dat hij er moeite mee heeft om liefde te ontvangen. Hij kan het geven maar het zelf tot je kunnen nemen is weer ander ding. Dat,” legt hij glimlachend maar voorzichtig zijn woorden wegend uit, “is herkenbaar.”

Gery Mendes a.k.a. GMB neemt de rol van activist en dichter Felipe Luciano voor zijn rekening. “Felipe is één van de belezen mannen onder hen: hij hield van boeken. Zijn afkomst is ook heel sterk terug te horen in het werk van de Poets,” vertelt Marjorie over de dichter die tevens de medeoprichter van het Puertoricaanse nationalistische collectief Young Lords is. “Ik vind het prachtig dat ik hem mag spelen. Ik denk dat er veel overeenkomsten tussen ons zijn: hij is een Afro-Latino en Cabo’s zou je Afrikaanse Latino’s kunnen noemen. Onze energieën komen ook sterk overeen: als ik naar optredens van hem kijk en zie hoe hij op het podium staat dan herken ik mezelf daar echt in,” vertelt Mendes die qua grandeur zelfs tijdens de repetities niet onderdoet voor Luciano.

De rol van de charismatische taalmeester Gylan Kain is voor Unorthadox. “Kain heeft samen met David Nelson en Abiodun Oyewole de groep opgericht. Van die drie is Gylan Kain het kortst bij de groep gebleven. Hij was niet tevreden met hoe de groep zich vanaf het moment dat de commerciële wereld ze ontdekte, ontwikkelde,” vertelt Boston over de man die in 1970 de groep verliet en al jaren in Amsterdam woont. “Hij heeft gevochten ze terug te brengen naar daar waar het hen in eerste instantie om ging maar,” vervolgt ze, “dit is hem niet gelukt. Hij kiest ervoor om zich van de Poets te distantiëren en sindsdien heeft hij geen contact meer met ze gezocht.” Dox identificeert zichzelf met de man die via via vernam dat er aan het stuk gewerkt werd. “Ik heb zelf ook een beetje een vaag verhaal wat betreft mijn eigen werk. Het gaat dan om het vaak in dubio zitten en het omgaan met tegenstrijdigheden. In mijn geval is er vanuit verschillende kanten aan me hebben getrokken en zijn er een aantal heftige ontwikkelingen gebeurd waardoor ik nog steeds niet met een debuutalbum ben gekomen terwijl ik hier wel jarenlang muzikaal gezien klaar voor ben. Het gaat om de keuzes die ik heb gemaakt, om hoe ik principieel tegenover zaken stond en,” licht hij een tipje van de sluier, “hoe ik terugkeek op hoe ik me in een aantal van mijn tracks uitte. Ook heb ik, net als Kain een bepaalde zogenaamde straatachtergrond en heb ik een tijd lang bepaalde ontwikkelingen binnen the game niet getrokken. Ik denk dat mijn energie om deze rol gevraagd heeft; hij is de Poet die ik het liefst wilde spelen,” vertelt de innemende MC.

Dat de heren De Laatste Dichters nog niet helemaal gelezen hebben, mag de inspiratie niet drukken: het werk van de Poets spreekt immers boekdelen. “Hun gedichten,” deelt GMB, “hebben me getriggerd om meer zonder de beat te schrijven. Als MC’s doen we dat veel en die vierkwartsmaat belemmert je soms. Ik weet nu weer hoe belangrijk het is om veel met schrijven bezig te zijn en te blijven.” “Vanaf dat ik met dit stuk bezig ben heb ik wel sinds tijden weer elke dag iets geschreven; een belangrijk deel van deze stukken gaat over thema’s zoals die in de voorstelling naar voren komen,” zegt Linar.

In het boek is ook aandacht voor de leefomgeving van de dichters; in de theaterbewerking nemen hun vrouwen en kinderen een belangrijke plek in. “We hebben er heel bewust voor gekozen om twee van de drie actrices een oudere generatie te laten spelen. De actrices Paulette Smit en Jenny Mijnhijmer,” legt Marjorie uit, “spelen de vrouwen in hun leven maar staan ook voor een bepaalde wijsheid. Shertise Solano speelt de nieuwe generatie, de kinderen van de dichters en het effect wat het leven van de mannen op hun nageslacht heeft. Deze combinatie van leeftijden en disciplines maakt het een magische club mensen.”

Een andere rol die even subtiel als bepalend is, is weggelegd voor DJ Lovesupreme. De man achter de Laatste Dichter-mixtape die geweldig genoeg is om menig andere goodie bag te laten kreukelen van gêne staat ook tijdens de voorstelling op het podium. “Met de muziek die ik draai geef ik een kleur aan de verschillende scènes; de verschillende platen zorgen voor een ritmische rode draad door het verhaal. Het theaterstuk bestrijkt een bijzondere periode en hiermee,” vertelt hij terwijl hij wijst op een deel van zijn enorme platencollectie, “probeer ik een duidelijker beeld te geven van hoe dat was in die tijd. Tijdens een scène waarin één van de dichters in zijn auto naar de radio luistert, wil ik wil iets draaien wat in die tijd ook echt op de zenders te horen was. Muziek geldt als belangrijke geschiedenisleraar.”

Deze lessen zijn de MC’s niet voorbij gegaan. “Lovesupreme heeft me veel weten te vertellen over Kain; zij kennen elkaar ook persoonlijk.” herinnert Unorthadox zich. “Hij heeft me nummers laten horen die me kennis hebben laten maken met meerdere dichters uit die tijd en daarvoor,” vult Linar hem aan. Bij Ogenia heeft Hiphop een belangrijke rol gespeeld bij het ontdekken van The Last Poets. “In Mindsex van Dead Prez hoorde ik ‘Niggers are scared of revolution’. Ze hebben qua het aan durven kaarten van iets wat van maatschappelijk belang is een grote invloed op Hiphop gehad,” vertelt hij. “Mijn connectie,” denkt Lovesupreme terug, “ontstond via samples die ik hoorde in nummers van bijvoorbeeld N.W.A. en A Tribe Called Quest. Er zijn best veel acts die hun werk sampleden waardoor het terecht kwam bij een nieuwe generatie. Een sample is eigenlijk een shout out naar een artiest.”

De heren zijn er niet over uit in hoeverre The Last Poets de grondleggers van rap zijn. “Ze hebben een zaadje geplant waar rap uit is gegroeid maar als je nog weer verder terug gaat dan zie je hoe relatief het begrip ‘grondlegger’ is. Feitelijk werd de kick off gegeven door de persoon die als eerste kunst maakte met taal. Ik liep ooit een keer in een Chinese tuin en daar,” vertelt Dox, “had je een aantal bankjes in een cirkel staan. Het verhaal gaat dat je daar vroeger monniken had die in een kring zaten. Ze zetten kopjes in een waterstroompje neer en de monnik bij wie het kopje stilstond, moest een gedicht voordragen. In principe is dat ook freestylen en dat is iets van 1000 jaar geleden. Maar voor zover ik weet,” spoelt hij weer vooruit naar de Poets, “zijn zij de eerste die een dergelijke plaat hebben gemaakt. Een album waarop niet wordt gezongen maar waarbij er bij de uitspraak van de woorden gespeeld wordt met intonatie en het samenspel tussen ritme en spraak.” “Ik denk dat ze zeker gelden als grondleggers maar ik weet ook dat er naast hun nog meer grootvaders van rap zijn. Het ritmisch overbrengen van verhalen ontstond al way back in Afrika. Dat was en is daar nog steeds een traditioneel belangrijke manier van communiceren,” vult Gery hem aan.

Over de relevantie van hun boodschap vandaag de dag hoeft volgens de heren geen twijfel te bestaan. “Een groot deel van de boodschappen die zij hadden, gelden vandaag de dag nog steeds. De struggles over het in eigen beheer uitbrengen van muziek is er één die nog steeds aan de hand is maar ook de sociale issues die ze aankaarten spelen nog steeds. Neem bijvoorbeeld een nummer als ‘Niggers are scared of revolution’. Ja, natuurlijk zijn we bang voor revolutie maar we denken van niet. We praten, chillen en bespreken de verandering die morgen moet komen. Sommigen maken stappenplannen en websites maar een jaar later zitten ze nog steeds te praten over wat er moet gebeuren. Zo’n gedicht van toen geldt dus nog steeds,” aldus Mendes. “Het ligt eraan wat de onderwerpen zijn en op wat voor manier ze worden aangesneden. Zelf,” verklaart Dox, “heb ik een iets universeler gevoel waarbij het me er juist om gaat groepen naar elkaar toe te brengen. Wel heb ik, gezien de context van de tijd waarin zij leefden, heel veel respect voor de manier waarop zij besloten om iets te doen aan de situatie die ze veranderd wilden zien. Ik denk dat er altijd ruimte is en moet zijn voor kunstenaars die iets uit willen dragen. Via kunst kun je dingen aansnijden die je door middel van bijvoorbeeld politieke debatten minder goed uit kunt leggen.”

Dat The Last Poets een groep is die in het New York van de jaren ’60 ontstaan is, wil volgens de musketiers niet zeggen dat er in Nederland vandaag de dag geen ruimte is voor een dergelijk collectief. Volgens Linar kunnen we hiervoor ook binnen deze landsgrenzen terecht. “Ik vind Zwart Licht een mooi voorbeeld van een groep die de traditie van The Last Poets voortzet. Ze komen natuurlijk ook wel met het feestelijke spring- en schreeuwwerk maar aan de andere kant brengen ook nummers als ‘Sorry’ waarin Akwasi zich bij wijze van sarcasme verontschuldigt voor het feit dat hij zwart is. Voor mij is de erfenis van The Last Poets er één die gaat over zwarte mannen die hun eigen identiteit weer oppakken. Vroeger in Suriname mocht je bijvoorbeeld geen Sranan praten maar moest je Nederlands spreken waardoor je eigenlijk beroofd werd van je eigen ik. We moeten onze verhalen blijven vertellen: als je meer van jezelf weet dan weet je ook welke kant je op wilt gaan. The Last Poets,” vervolgt de energieke kunstenaar, “zijn een collectief van trotse zwarte mannen. Slavernij is niet het begin van onze geschiedenis; ik kom ook van een geslacht om trots op te zijn. Ik kan niet trots zijn op een V.O.C.-geschiedenis of op mannen die Suriname geruild hebben voor New York maar ik heb m’n eigen helden. Onder andere door in aanraking te komen met artiesten als The Last Poets zullen mensen hun geschiedenis gaan onderzoeken en wij hebben er echt wel één om trots op te zijn. Ik heb geen geschiedenis van eeuwige onderdanigheid. Nee man, fuck dat!” besluit hij.

De Laatste Dichters speelt t/m 6 juni in het MC theater op het Westergasfabriekterrein in Amsterdam. Vanaf 3 juni is het stuk onderdeel van rightaboutnow, het evenement waarbij diverse kunstenaars uit Nederland en New York door middel van onder andere live muziek, beeldende kunst en poëzie hun perspectief op The Last Poets geven. Voor de gelegenheid geven Last Poets Abiodun Oyewole, Umar Bin Hassan en Babatunde op zaterdag 5 juni een optreden.

Voor meer informatie over de voorstelling en het volledige programma surf je naar www.mconline.nl

Grote Prijs-special: De finale (deel 2)

(8 december 2009)

Drie halve finales, een regenwoud aan juryrapporten en enkele lastige overleggen later staan Dret en Krulle, Fotosynthese, Dope D.O.D., Tastic, Kraantje Pappie en UnknownEye aanstaande zaterdag in de Hip Hop-finale van de Grote Prijs. Voordat Koos Groenendijk, Guno Oosterling, Lee Stuart, Dave Vanderheijden en Sef (Flinke Namen) bepalen wie de goed gevulde overwinningsbeker meeneemt stellen wij de finalisten aan je voor. In deel 2 van de Finale-special: Tastic, UnknownEye en Dope D.O.D.

Tastic
“Een jaar geleden nam ik in Snelle Jelle’s studio 3 nummers op; 1 van die nummers stuurde ik samen met 2 andere tracks van veel slechtere kwaliteit naar de Grote Prijs. We hebben nooit echt geïnvesteerd in bijvoorbeeld een goede microfoon of een professionele studio maar we dachten: ‘Niet geschoten is altijd mis.’ De jury koos 30 kwartfinalisten en ik was nummer 31. Uiteindelijk stond ik, doordat Geintje uitviel, alsnog in de kwartfinale,” blikt Tastic terug. Voor de 20-jarige MC was zijn performance in Plein 79, waar hij samen met DJ Lie Manatik een show gaf die jurylid Guno terugbracht naar zijn Planet Rock-dagen, het eerste serieuze optreden. Op de vraag waar mensen die niet bekend zijn met de Hip Hop-scene in Alphen aan de Rijn hem eerder hadden kunnen zien, grijnst de 20-jarige MC bescheiden: “Eigenlijk nergens. Ik weleens een nummer op internet gezet maar de optredens die ik had waren alleen in Alphen en omstreken.”

Ook de tweede indruk die hij tijdens de kwartfinale in Apeldoorn achterliet, kon rekenen op goede reacties. “Hij heeft een aanstekelijke flow, zijn teksten zijn leuk en op het podium staat hij er echt. Zijn stage presence is echt heel erg sterk. Hij is een hele sterke soloist en dat zie je tegenwoordig niet veel meer. Hij staat er alleen met z’n DJ terwijl tegenwoordig artiesten hun hele platenlabel mee het podium op nemen; hij draagt de show in z’n eentje en dat,” benadrukt Koos, “is echt heel erg sterk.” Ook Lee is onder de indruk van het charismatische eenmansleger. “Tijdens het juryberaad was iedereen het er gelijk over eens dat Tastic een plek in de finale verdient. Hij is toch ook een leuke artiest waar je gewoon meer van wilt horen? Bovendien,” vervolgt Stuart, “is hij heel comfortabel op het podium en hij rapt hij echt z’n longen uit z’n lijf.”

De jonge MC, die terwijl hij nu in Rotterdam woont Alphen blijft vertegenwoordigen, gaat niet alleen qua podiumpresentatie terug naar de basis: ook qua rap-stijl is hij van de ‘Back to Boombap’-garde. “Ik probeer terug te gaan naar hoe Hiphop begon namelijk als levensstijl in plaats van puur als muziekstroming. Ik vind dat er in NL te weinig een basis is gelegd, dat er teveel overgenomen is uit Amerika en dat we terug moeten naar de old skool om een basis in de Hiphop te zetten. Je kunt met Nederlandstalige rap nooit precies bereiken wat er met Engelstalige rap is gedaan maar qua stijl kunnen we in Nederland zeker wel iets unieks neerzetten. Voor mijn gevoel mixen we Hip Hop nu met teveel andere stijlen waardoor sommige nummers meer op popmuziek lijken.” Gelukkig zijn we met zijn komst geen ‘Hip Hop is dood!’ gillende purist rijker. “Als ik bijvoorbeeld naar M.O. en Brakko luister dan krijg ik echt een Hip Hop-gevoel. Dat is het stukje Nederlandse Hip Hop waar ik deel van wil zijn.”

Ondertussen is hij druk bezig om de derde stap richting zijn plek in het Nederlandse raplandschap voor te bereiden. Ondanks de positieve geluiden van de jury wandelt hij zaterdag niet fluitend Paradiso binnen. “Bij de kwartfinale kreeg ik een positief juryrapport terwijl ik bij de halve finales een negatiever juryrapport heb gekregen.” Eén van de punten van kritiek was het volgens de jury ietwat rommelige verloop van zijn show. Voor Tastic kwam deze feedback niet echt als een verrassing. “Bij de vorige optredens hebben we te weinig tijd besteed aan de show en teveel tijd besteed aan het samenstellen van de tracks besteed. Bij de kwartfinales hadden we minder voorbereidingstijd dan bij de halve finale en ik wilde in Apeldoorn een show doen zonder nummers die ik al in de kwartfinale had laten horen. Uiteindelijk stonden we daar met zeven nieuwe tracks en dat was niet zo slim; die nummers gingen niet allemaal even perfect. Onze focus is nu anders; verbetering is soms beter dan vernieuwing. Voor de finale hebben m’n DJ en ik besloten om onze aandacht beter onder nieuwe tracks en een stabielere show te verdelen.” Ondertussen heeft de drang om nieuw materiaal te schrijven geresulteerd in ‘Gaat ‘ie dat zeggen’, de EP die hij samen met Thyza en Lie Manatik in januari hoopt te releasen. Of het nieuwe wapenfeit digitaal of als disc te beluisteren valt, hebben ze nog niet bepaald. “Eerst maar eens alles klaar hebben voor de finale,” blaast de goedlachse Alphenaar.
Dope D.O.D.
“Tja,” haalt Koos tevreden grijnzend zijn schouders op, “wat kun je daar nou nog over zeggen? “Eindelijk weer echte grimey Hip Hop in Nederland! Hun shows zijn gewoon out there. Ze zijn nieuw, strak, hard, verfrissend en tekstueel is het heel tof. Hun show zit qua opbouw heel goed in elkaar en ze blijven verrassen: hun optredens in Almere en Utrecht waren compleet anders.” “In de Ekko,” herinnert Lee zich, “gaven ze een show waar we echt stijl van achterover sloegen. Behalve dat ze van zichzelf belachelijk origineel zijn, brengen ze op het podium gewoon alles wat je een goede show mag verwachten. Ze zijn zeker weten de meest eigenzinnige finalisten!”

“We zetten een wereld neer waarin je kunt verdwijnen maar,” vertelt Skits Vicious,,“we schreeuwen niet om het schreeuwen. Soms zit er een verborgen message in, soms is het gewoon grappig. Er zit, ook al klinkt het soms duister of grof, humor in en dat is de sleutel tot intelligentie. Ieders rol binnen de groep is een goede reflectie van onze persoonlijkheden. Omdat ik altijd achter veel zaken aan zit en vaak concepten voor tracks bedenk, word ik een beetje gezien als leider. Jay Reaper,” legt de MC met de volle lach en het halve kapsel uit, “is gewoon de funk, de ‘fro. Hij komt met een Redman- en Pharaoh Monch-achtige stijl. Jay is wat meer toegankelijk en happy maar tegelijkertijd keihard in z’n teksten. Dopey Rotten en ik zijn allebei half Engels en we zijn een beetje elkaar curse brothers. Hij is meer de shady achtergrond figuur van de groep; ook in het echt is hij wat meer teruggetrokken en wat stiller. Met z’n drieën zijn we Dope D.O.D. en dan heb je nog onze producer P. die zorgt voor de zieke beats zodat we op het podium klappen zoals we horen te klappen.”

Het Groningse drietal heeft zich na een suggestie van jurylid Lee aangemeld bij de GPNL. “Ik had al een tijdje e-mailcontact met hem en we dropten af en toe wat op Statemagazine. Hij vond onze muziek dope en vroeg waarom we ons niet inschreven voor de Grote Prijs.” Skits geeft toe dat hij sceptisch was: “Een aantal vorige deelnemers die we kennen waren vrij kritisch over de Grote Prijs. Zij bestempelden het als een “What’s the next best thing?”-competitie waarin vooral mensen die al goed bezig zijn of waar in ieder geval een hype omheen is gepusht worden. Tijdens het jaar waarin je de Zwolle-hype nog had en Jawat ook nog eens won had ik hetzelfde. Niets dan respect voor Jawat overigens want,” benadrukt hij, “hij is keihard maar ik vond het wel opvallend. Bij ons is het juist weer compleet het tegenovergestelde want weinig mensen kennen ons. In het begin was ik even bang dat als ze zouden gaan voor ‘de vriendjes van de jury’ dat het heel lastig zou worden maar we kwamen er gelukkig snel achter dat de juryleden voelen wat we doen. Ze somden in ons juryrapport vrijwel alles op waar we voor staan en ze begrijpen het. Ze citeerden zelfs onze teksten,” glimt hij trots.

Waar hij minder blij mee is, zijn de insinuaties dat je het als niet-Nederlandstalige deelnemer lastiger hebt. “Ik erger me een beetje aan het cultuurtje dat in Nederland is ontstaan tegenover Engelstalige MC’s,” zucht hij. “Wij hebben Engelse roots en we zijn opgegroeid met die oude, hardcore Hip Hop. Ik heb respect voor Nederhop en ondanks dat ik het vroeger nooit luisterde heb ik de opkomst ervan wel gevolgd. Maar hoe sommige mensen shitten op dat wat Hip Hop opbouwde terwijl ze er niets van weten en het soms niet eens kunnen verstaan vind ik respectloos. Aan de andere kant,” nuanceert hij “begrijp ik dat mensen zich ergeren aan gasten die Engels spitten terwijl ze dat niet kunnen; dat vind ik ook verschrikkelijk. Hopelijk laten wij zien dat er ook echte Engelstalige Hip Hop in Nederland is.

Bij de Grote Prijs zijn ook Engelstalige acts in de prijzen gevallen dus ik denk dat het zaterdag wel mee zal vallen. Kijk maar naar Skiggy Raps en Pete Philly. UnknownEye zit ook in de finale dus de jury is slim genoeg om geïnteresseerd te zijn. Het is ook maar hoe je denkt; Nederlanders zijn vaak heel nuchter en simpel. Dat gedoe van ‘Wat doe je als het niet lukt?’…  Fuck plan B! Ik denk niet aan wat fout kan gaan: ik weet dat het goed komt,” knikt de geestige Groninger zelfverzekerd.
 

UnknownEye
“Toen zijn show begon,” blikt Lee terug op de halve finale in Speakers, “stond iedereen nog lekker te roken buiten. UnknownEye begon zijn show met heel weinig publiek maar hij trok mensen echt naar het podium. Hij is zo’n artiest die je ziet en waarvan je wilt horen wat hij te zeggen heeft. Hij heeft een boodschap en die brengt hij met een ongelofelijke intensiteit. De hele manier waarop hij op het podium staat, overtuigt je ervan dat hij hier echt voor leeft. Zijn boodschap is misschien niet de vrolijkste die iemand zich voor kan stellen maar wat hij brengt, brengt hij met heel veel plezier.” “Hij had inderdaad de minste aanhang meegenomen maar hij was ook zeker het minst afhankelijk van z’n eigen publiek. In Delft,” aldus Koos, “kreeg ik echt kippenvel van zijn optreden.”

Na de bekendmaking van de halve finalisten vertelde UnknownEye nog dat hij niet verwacht had dat hij de volgende ronde zou halen. “Ik was niet echt tevreden met die de show maar de halve finale,” vertelt hij terwijl de herinnering aan zijn optreden van 11 september een bescheiden glimlach ontlokt, “ging goed. We wilden trouwens wel meer mensen meenemen maar om aan de ene kant met de show bezig te zijn en aan de andere kant dat soort dingen te moeten regelen lukte nog niet. Voor de finale is wel een bus geregeld maar ik ben blij dat de muziek ondertussen voor zichzelf heeft kunnen spreken.”

Voorafgaand aan zijn deelname aan de GPNL, stak hij de Grote Prijs van Zuid-Holland in zijn zak. “Nadat ik die had gewonnen, werd ik gebeld door de Grote Prijs van Nederland. Ik wist dat mijn deelname aan de Grote Prijs alleen maar meer promotie op kon leveren dus ik deed mee. Maar,” voegt hij eraan toe, “ik moest me wel gewoon inschrijven, hoor.” Zijn finaleplek heeft zijn kijk op de Grote Prijs niet veranderd. “Ik ben nog steeds sceptisch omdat er in de voorgaande jaren naar mijn mening een andere winnaar uit had moeten komen. Voor mij is winnen mooi meegenomen maar wat ik er qua publiciteit van verwachtte dat blijkt in ieder geval zeker zo te zijn. Ik kan mezelf inmiddels Googlen,” lacht de man wiens statige lichaamshouding zelfs de houten toko-stoel op een troon laat lijken.

De feedback die de jury hem tijdens de vorige rondes gaf, bekijkt hij nuchter. “In mijn juryrapport stonden een aantal punten waar ik weet van heb maar waar ik niet echt veel mee heb gedaan. Er stond bijvoorbeeld dat ik rap over wat gezien wordt als zware onderwerpen. Tekstueel gezien kan ik niets aanpassen: ik schrijf wat ik schrijf en ik zeg wat ik zeg. Gelukkig merkte de jury wel dat we onze show willen laten schijnen en dat we positiviteit uit willen stralen. Wat we van het rapport hebben opgestoken is dat de aanpak eromheen wel iets anders kan zijn.” “Zijn muziek,” beschrijft Koos, “is puur en eerlijk zonder dat het al te belerend wordt. Het spreekt mij heel erg aan maar ik snap best dat het niet voor iedereen altijd even interessant of spectaculair is. Aan de andere kant zou dat wat het spectaculairder zou maken natuurlijk wel weer afbreuk doen aan wat hij probeert over te brengen. Hij maakt geen potentiële hitjes maar wil hij dat? Ik denk het niet,” beantwoordt Groenendijk zijn eigen vraag.

Toch is de Rotterdammer, die door Lee beschreven wordt als de meest geëngageerde en volwassen finalist, qua stijl door de jaren heen wel wat veranderd. “Ik kies heel bewust waar ik over spreek maar ik heb het de laatste tijd meer over dingen die in mijn directe omgeving gebeuren. In het verleden ging ik misschien iets te diep op bepaalde samenzweringscomplotten in. Kijk, het is altijd goed om mensen wakker te schudden en te houden maar daar zijn verschillende manieren voor. De revolutie komt wanneer de tijd er rijp voor is.” Ook de mensen met wie hij zijn muziek maakt, hebben bijgedragen aan de verschuiving. “We maken onze muziek als groep,” vertelt hij over Team Focus dat bestaat uit DJ First Angle, back up B Styx, vocalist Furlan en producer/DJ J83. Zijn nieuwe cd, getiteld Focus, hoopt hij begin volgend jaar uit te brengen. “Je hoort misschien wat vaker een zangrefreintje waardoor het ook opgepakt wordt een andere groep luisteraars maar ik ben absoluut niet van plan om tekstueel of qua beats in te dimmen omdat mensen het anders niet willen horen. Zolang de mensen die het wel willen horen er maar van genieten,” glimlacht hij.
De finale
Zaterdag 12 december nemen Kraantje Pappie, Fotosynthese, Dret en Krulle, Fotosynthese, Dope D.O.D., Tastic en UnknownEye vanaf 21:30u Paradiso over. Tastic waagt zich niet aan een voorspelling over het verloop van de avond maar heeft wel een voorkeur. “Dret en Krulle: het zijn goede MC’s en die Killing Skills-beats zijn heel tof!” Skits Vicious twijfelt nog over welke finalist het best bij zijn muzieksmaak past: “Fotosynthese heeft wel talent maar die doet nog niet zoveel met me. Door zijn leeftijd neem ik hem niet echt serieus maar hij heeft best skills. Verder vind ik iedereen wel gelijk aan elkaar; er springt niet één uit waarvan ik echt kan zeggen dat het m’n ding is. Ze brengen echte Hip Hop acts en ze hebben allemaal wel iets wat ik cool vind.”

UnknownEye vindt het moeilijk om te kiezen en wenst de jury veel succes. Gelukkig schijnt er voor de juryleden wat licht in de lastigheid. “De winnaar hoeft absoluut niet unaniem gekozen te worden. Bij het samenstellen van de lijst met Hip Hop-finalisten,” vertelt jurylid en GPNL-directeur Guno Oosterling, “was dat ook niet het geval. Wel hadden de juryleden redelijk snel besloten welke zes acts in de finale staan. Dat moet ook: als iedereen zijn kont tegen de kribbe gooit dan valt er niets te jureren.”